Rechtsbijstandsverzekering en onterechte dekkingsweigering
Verzekerde betaalt zelf na onterechte weigering door ARAG en Klaverblad
Twee zaken laten zien wat er gebeurt als een rechtsbijstandsverzekeraar ten onrechte dekking weigert. In beide gevallen schakelde de verzekerde noodgedwongen een eigen advocaat in — en in beide gevallen oordeelden rechter en geschillencommissie dat de verzekeraar die kosten moet dragen.
In de eerste zaak weigerde ARAG de geschillenregeling correct uit te voeren bij een arbeidsgeschil. De verzekerde voerde de procedure op eigen kosten, met advocaatkosten van ruim EUR 11.000. Het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden kwalificeerde het niet-uitvoeren van de geschillenregeling als een toerekenbare tekortkoming in de nakoming van de verzekeringsovereenkomst. De kosten van de zelf ingeschakelde advocaat komen als schadevergoeding voor rekening van ARAG.
In de tweede zaak weigerde Klaverblad dekking voor een arbeidsgeschil met het argument dat het conflict al bestond vóór de ingangsdatum van de verzekering. De consument schakelde zelf een advocaat in en bereikte een vaststellingsovereenkomst met de werkgever. De totale advocaatkosten bedroegen EUR 3.690,50. De Geschillencommissie Kifid oordeelde dat de dekkingsweigering onterecht was: uit het beoordelingsverslag bleek niet dat de consument bij het sluiten van de verzekering kon verwachten dat haar werkgever de arbeidsovereenkomst zou beëindigen.
Verzuim treedt in vanaf de weigering — zonder ingebrekestelling
De kernvraag in beide zaken was dezelfde: moet de verzekeraar ook kosten vergoeden die de verzekerde al maakte vóórdat de rechter of geschillencommissie de dekkingsweigering van tafel veegde? Het antwoord is ja. Het oordeel van de geschillencommissie of rechter is declaratoir van aard: het stelt vast dat de verzekerde van meet af aan recht op dekking had. De verzekeraar die achteraf ongelijk krijgt, heeft vanaf het moment van de weigering een toerekenbare tekortkoming gepleegd (art. 6:74 BW).
Kifid ging in de Klaverblad-zaak nog een stap verder. Hoewel de consument geen ingebrekestelling had gestuurd, oordeelde de commissie dat het verzuim van rechtswege was ingetreden op grond van art. 6:83 sub c BW. De e-mail waarin Klaverblad dekking weigerde, was een mededeling waaruit bleek dat de verzekeraar niet zou nakomen. Het verzuim trad dus in op de datum van die e-mail — 3 december 2021 — en niet pas bij het Kifid-oordeel ruim een jaar later.
Het Hof Arnhem-Leeuwarden hanteerde in de ARAG-zaak dezelfde logica. ARAG had zelf geschreven dat bij een onjuiste inschatting “de gemaakte kosten waarvoor cliënte is verzekerd zullen worden vergoed, voor zover deze normaal, redelijk en gebruikelijk zijn.” Het hof nam dit uitgangspunt over en oordeelde dat de advocaatkosten als schadevergoeding — niet als directe polisuitkering — voor vergoeding in aanmerking komen.
Los van deze zaken biedt ook Europese jurisprudentie een grondslag. Het recht op vrije advocaatkeuze ontstaat op grond van art. 200 lid 4 Solvency II “vanaf het moment waarop de verzekerde recht heeft op tussenkomst van de verzekeraar.” Het Hof van Justitie oordeelde in Sneller/DAS (C-442/12) dat de verzekeraar dit recht niet afhankelijk mag stellen van zijn eigen beslissing om een zaak uit te besteden, en in Vlaamse Balies (C-667/18) dat het recht al geldt in voorbereidende fases die kunnen leiden tot een procedure. Een verzekeraar die dekking weigert en daarmee de verzekerde dwingt zelf een advocaat in te schakelen, kan zich niet achteraf beroepen op het ontbreken van toestemming.
Wat te doen als de rechtsbijstandsverzekeraar dekking weigert?
Wie geconfronteerd wordt met een dekkingsweigering hoeft niet stil te zitten. Start de geschillenregeling ex art. 4:68 Wft en leg de weigering schriftelijk vast. Schakel zo nodig een eigen advocaat in als procesdeadlines dat vereisen — de kosten daarvan komen bij een onterechte weigering voor rekening van de verzekeraar. Bewaar alle correspondentie en facturen zorgvuldig: de verzekeraar mag de redelijkheid van het bedrag wel achteraf laten toetsen.
Meer over geschillen met verzekeraars in de rubriek Consumer Litigation en de publicatie over ambtshalve toetsing bij consumentencontracten.
Veelgestelde vragen
Moet een verzekerde eerst een ingebrekestelling sturen voordat de verzekeraar in verzuim is?
Niet altijd. Een expliciete dekkingsweigering geldt als mededeling waaruit blijkt dat de verzekeraar niet zal nakomen. Op grond van art. 6:83 sub c BW treedt het verzuim dan van rechtswege in, zonder dat een ingebrekestelling nodig is. Dat oordeelde Kifid in de Klaverblad-zaak (GC 2023-0011A).
Wat als de geschillenregeling negatief uitvalt voor de verzekerde?
Bij een negatief bindend advies kan de verzekerde de procedure op eigen kosten voortzetten. De grote verzekeraars (DAS, ARAG, Achmea) hanteren standaard een “alsnog vergoeden”-clausule: als de verzekerde uiteindelijk toch gelijk krijgt, worden de redelijke kosten achteraf vergoed tot het polismaximum.
Welke kosten komen voor vergoeding in aanmerking?
De advocaatkosten moeten redelijk en noodzakelijk zijn en binnen het polismaximum vallen. De verzekeraar mag de hoogte achteraf laten toetsen. In de ARAG-zaak benoemde het hof een deskundige om te beoordelen of de in rekening gebrachte EUR 11.362,50 “normaal, gebruikelijk en redelijk” was — het criterium uit de polisvoorwaarden.
ECLI:NL:GHARL:2022:121, Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 11 januari 2022 | ECLI:NL:GHARL:2022:4205, Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 24 mei 2022 | Kifid GC 2023-0011A, 5 januari 2023
Aangehaalde rechtspraak
Gerechtshoven: ECLI:NL:GHARL:2022:121 · ECLI:NL:GHARL:2022:4205