Naar inhoud

Koper trekt zich terug na e-mail die de deal sloot: overeenkomst was al tot stand gekomen

2 juni 2026Juriaan de Vries

Koopovereenkomst tot stand via e-mail: wat telt is overeenstemming, niet de handtekening

Het Gerechtshof 's-Hertogenbosch oordeelde dat een e-mail waarin een koper bevestigt dat de koopovereenkomsten op korte termijn getekend kunnen worden, definitieve overeenstemming oplevert — ook als de schriftelijke akte nooit is gevolgd. Een overeenkomst komt tot stand door aanbod en aanvaarding, niet door ondertekening. Voor een verkoper die op die e-mail mocht vertrouwen, vallen de advieskosten uit de onderhandelingsfase volledig binnen het positief contractsbelang.

Verkoper eist nakoming na overname die strandde op de laatste meter

Na maanden van onderhandelen over de overname van een papierverwerkingsbedrijf — aandelen voor €1.070.000, bedrijfspand voor €2.025.000 — leek de deal rond. Op 8 oktober 2021 schreef de vertegenwoordiger van koper Lindans dat "de koopovereenkomsten en escrow-overeenkomst op korte termijn getekend kunnen worden." Er was een notarisafspraak gepland voor 9 november 2021.

Zeventien dagen later trok Lindans zich terug. Als reden voerde zij aan dat verkoper XX de geheimhoudingsplicht had geschonden en zijn werkzaamheden in strijd met het concurrentiebeding zou voortzetten. XX betwistte beide stellingen en vorderde schadevergoeding wegens wanprestatie.

De rechtbank wees de advies- en onderzoekskosten af: die had XX toch gemaakt. In hoger beroep draaide het hof dit oordeel terug.

Definitieve overeenstemming via e-mail: de clausule werkt niet als brandmuur

De intentieovereenkomst bevatte een opschortende voorwaarde: Lindans was pas gebonden "bij het bereiken van definitieve overeenstemming over alle onderdelen van de Koopovereenkomst en daarmee verband houdende overeenkomsten en verklaringen (waaronder de Escrow-overeenkomst)."

Lindans betoogde dat deze clausule bescherming bood: zolang er geen getekende akte lag, was zij vrij. Het hof verwierp dit. De e-mail van 8 oktober 2021 bevestigde overeenstemming over alle onderdelen — de koopovereenkomst aandelen, de koopovereenkomst onroerend goed en de escrow-overeenkomst. Na die datum hadden partijen niet meer inhoudelijk onderhandeld en had Lindans zelf geen voorbehoud gemaakt. De opschortende voorwaarde was daarmee vervuld.

Niet altijd leidt een gevorderd onderhandelingsstadium tot gebondenheid. Gerechtshof Den Haag oordeelde in de zaak Bluehoef/AMG dat van een bindende koopovereenkomst geen sprake was: de LOI bepaalde uitdrukkelijk dat de transactie pas tot stand komt bij ondertekening van de transaction documents en dat partijen bij beëindiging geen schadevergoeding verschuldigd zijn (art. 13.1 en 13.2 LOI). Gerechtvaardigd totstandkomingsvertrouwen was daardoor uitgesloten. Het contrast met de onderhavige zaak is scherp: hier was geen uitdrukkelijke uitsluitingsclausule en bevestigde een e-mail van 8 oktober 2021 dat alle onderdelen waren overeengekomen.

Dat de schriftelijke overeenkomst nooit was toegestuurd, deed er niet aan af. Een overeenkomst komt tot stand door een aanbod en de aanvaarding daarvan; een handtekening is geen constitutief vereiste tenzij partijen dat uitdrukkelijk zijn overeengekomen of de wet dat voorschrijft.

Het beroep op dwaling (art. 6:228 BW) strandde eveneens. Lindans' stelling kwam erop neer dat XX van plan was het concurrentiebeding te overtreden. Dat is een dwaling over toekomstig handelen — niet over een bestaande omstandigheid bij het sluiten van de overeenkomst. Art. 6:228 BW ziet alleen op dwaling over bestaande feiten. Het verweer faalde.

Op het punt van de contractuele boete uit art. 9 van de NVM-koopakte kende het hof Lindans een punt toe. Die bepaling regelt specifiek de situatie van ontbinding (lid 2) en nakomingseis (lid 3). XX had de verbintenis omgezet in een vordering tot schadevergoeding op grond van art. 6:87 BW. Dat scenario valt buiten de letterlijke tekst van art. 9 — de boete werd niet toegewezen.

Positief contractsbelang: welke kosten vallen er wel onder?

Het hof corrigeerde de rechtbank op het punt van de schadeberekening. De rechtbank had de advies- en onderzoekskosten afgewezen met de redenering dat XX die kosten ook zou hebben gemaakt als Lindans wel had nagekomen.

Het hof verwierp dat. Het positief contractsbelang beoogt de schuldeiser in de toestand te brengen alsof de overeenkomst correct was nagekomen. Had Lindans nagekomen, dan had XX de koopprijs van ruim €3 miljoen ontvangen — en die opbrengst had de kosten ruimschoots gedekt. Nu de overeenkomst niet is nagekomen, is het vermogen van XX met de kosten verminderd zonder ontvangst van de koopprijs. Die kosten zijn daarmee rechtstreeks schade.

Toegewezen: advieskosten €42.982,25 + bodemonderzoek €3.212,08 + interne uren medewerker €12.092,75 = totaal €65.287,08.

Het klassieke verweer — "die kosten had je toch gemaakt" — gaat alleen op bij het negatief contractsbelang. Bij het positief contractsbelang is de vraag anders: stond de kostenpost in de weg aan de verwachte nettowinst? Als de opbrengst de kosten had gedekt, vallen ze bij niet-nakoming volledig in het nadeel.

Veelgestelde vragen

Kan een koopovereenkomst tot stand komen via e-mail, ook als er nog geen getekende akte is?

Ja. Een overeenkomst vereist aanbod en aanvaarding — een handtekening is geen constitutief vereiste, tenzij partijen dat uitdrukkelijk zijn overeengekomen of de wet dat voorschrijft. Een e-mail die bevestigt dat overeenstemming is bereikt over alle onderdelen inclusief de escrow-overeenkomst, kan voldoende zijn voor gebondenheid, ook als de akte nooit is opgemaakt.

Wat is het verschil tussen positief en negatief contractsbelang bij schadevergoeding wegens wanprestatie?

Het negatief contractsbelang vergoedt de schade die is geleden doordat op de totstandkoming van de overeenkomst werd vertrouwd — tevergeefse kosten. Het positief contractsbelang brengt de schuldeiser in de toestand alsof de overeenkomst was nagekomen. Voorbereidingskosten vallen onder het positief contractsbelang als die kosten bij nakoming door de ontvangen koopprijs zouden zijn gedekt.

Wanneer geldt de contractuele boete uit een NVM-koopakte niet?

De boetebepaling in art. 9 van de NVM-koopakte is gekoppeld aan specifieke situaties: ontbinding (lid 2) en nakomingseis (lid 3). Kiest de schuldeiser ervoor om de verbintenis om te zetten in een vordering tot vervangende schadevergoeding op grond van art. 6:87 BW, dan valt die situatie buiten de letterlijke reikwijdte van art. 9 — de boete is dan niet van toepassing.

Gerechtshof 's-Hertogenbosch 24 maart 2026, ECLI:NL:GHSHE:2026:847

Aangehaalde rechtspraak

Gerechtshoven: ECLI:NL:GHDHA:2023:421 · ECLI:NL:GHSHE:2026:847

Lees ook