Inleiding
Een franchiseovereenkomst legt vast hoe een zelfstandige ondernemer, de franchisenemer, tegen betaling gebruikmaakt van een beproefde formule, merk en werkwijze van een ander, de franchisegever. De overeenkomst verdeelt een dubbel belang: de franchisegever wil de eenheid en reputatie van de formule beschermen, terwijl de franchisenemer voor eigen rekening en risico onderneemt en zijn zelfstandigheid wil behouden. Sinds de invoering van de Wet franchise (titel 7.16 BW, art. 7:911 e.v. BW) gelden dwingendrechtelijke regels die de franchisenemer beschermen. Die regels kunnen niet worden weggecontracteerd, zodat een clausule die de wettelijke ondergrens overschrijdt in zoverre geen stand houdt.
De opbouw van de overeenkomst
De overeenkomst volgt de levensloop van de samenwerking: eerst de partijen en de context, dan de licentie en de vergoeding, vervolgens de wederkerige verplichtingen tijdens de looptijd, en ten slotte de beëindiging en de gevolgen daarvan. Die volgorde is niet alleen redactioneel, maar bepaalt ook de uitleg: een beding wordt gelezen tegen de achtergrond van de bepalingen die eraan voorafgaan. De volledige opbouw kan er zo uitzien:
- Aanhef en considerans
- Definities en interpretatie
- De franchiseformule en licentie
- Fee en afdrachten
- Precontractuele informatieplicht
- Verplichtingen van partijen
- Wijziging van de formule en instemmingsrecht
- Non-concurrentie na afloop
- Goodwill
- Aansprakelijkheid
- Duur en beëindiging
- Geheimhouding
- Rechts- en forumkeuze
- Bijlagen
Aanhef en considerans
De aanhef benoemt de titel, de partijen en de overwegingen. Beide partijen worden volledig en juist aangeduid: naam, rechtsvorm, KvK-nummer en vertegenwoordigingsbevoegde. De overwegingen schetsen de context, namelijk dat de franchisegever een formule heeft ontwikkeld, dat de franchisenemer als zelfstandig ondernemer voor eigen rekening en risico wil exploiteren, en dat partijen op basis van de verstrekte precontractuele informatie tot overeenstemming zijn gekomen. Die considerans is geen sierlijst maar uitleggrond: bij een geschil wordt de bedoeling van partijen mede aan de hand van deze overwegingen vastgesteld.
Voorbeeldaanhef +
Overwegende dat de Franchisegever een formule heeft ontwikkeld voor [omschrijving formule], bestaande uit een merk, een werkwijze en knowhow, en dat de Franchisenemer als zelfstandig ondernemer voor eigen rekening en risico een vestiging volgens die formule wenst te exploiteren te [plaats];
en dat de Franchisegever de bij of krachtens de Wet franchise voorgeschreven informatie tijdig aan de Franchisenemer heeft verstrekt.
De franchisegever heeft er belang bij dat de considerans de zelfstandigheid van de franchisenemer benadrukt, om de indruk van een gezagsverhouding te vermijden. De franchisenemer heeft er belang bij dat de omschrijving van de formule aansluit bij wat feitelijk is toegezegd, omdat die omschrijving later de reikwijdte van de verplichtingen bepaalt.
Definities en interpretatie
Een consistente definitielijst voorkomt uitlegdiscussies. Gedefinieerd worden in elk geval de Formule, het Handboek, het Rayon of Verzorgingsgebied, de Franchisefee, de Marketingbijdrage en de Vertrouwelijke Informatie. Een interpretatiebepaling regelt de rangorde tussen de overeenkomst en de bijlagen. Omdat het Handboek gedurende de looptijd wijzigt, is het verstandig te bepalen dat het Handboek onderdeel uitmaakt van de overeenkomst, maar dat wijzigingen daarvan zijn onderworpen aan de spelregels over formulewijziging. Zonder die koppeling kan een franchisegever via het Handboek eenzijdig verplichtingen toevoegen die dwingendrechtelijk instemming vergen.
Voorbeelddefinities +
In deze overeenkomst wordt onder "Handboek" verstaan: het door de Franchisegever verstrekte handboek met voorschriften voor de exploitatie van de Formule, zoals dat van tijd tot tijd wordt gewijzigd met inachtneming van artikel [wijziging]. Bij tegenstrijdigheid tussen de hoofdtekst en een bijlage prevaleert de hoofdtekst, tenzij uitdrukkelijk anders is bepaald.
De franchisegever wil ruimte houden om het Handboek te actualiseren zonder telkens de overeenkomst te heropenen. De franchisenemer heeft er belang bij dat wijzigingen van het Handboek worden begrensd door de overlegprocedure, zodat het Handboek niet wordt gebruikt om het instemmingsrecht te omzeilen.
De franchiseformule en licentie
Het hart van de overeenkomst is de licentie: de franchisegever verleent de franchisenemer het recht om gedurende de looptijd en binnen een afgebakend gebied de formule, het merk en de knowhow te gebruiken. Vastgelegd wordt of de licentie exclusief is voor een rayon, of de franchisenemer meerdere vestigingen mag openen, en welke merk- en IE-rechten worden gelicentieerd en niet overgedragen. Een uitdrukkelijke bepaling regelt dat de rechten na afloop terugvallen aan de franchisegever en dat de franchisenemer elk gebruik van tekens die met de formule kunnen worden verward, staakt. Een scherpe omschrijving van wat de formule omvat, bepaalt tegelijk de reikwijdte van de exploitatieverplichting en van latere wijzigingen.
Voorbeeldclausule +
De Franchisegever verleent aan de Franchisenemer een niet-overdraagbaar recht om gedurende de looptijd binnen het Rayon de Formule, het Merk en de Knowhow te gebruiken voor de exploitatie van de vestiging. Dit recht is exclusief binnen het Rayon. Na het einde van de overeenkomst staakt de Franchisenemer onmiddellijk elk gebruik van de Formule en van tekens die daarmee kunnen worden verward, en geeft hij alle dragers van de Knowhow terug.
De franchisegever wil de exclusieve rechten strak begrenzen en de teruggave bij het einde sluitend regelen. De franchisenemer wil zekerheid over de exclusiviteit binnen zijn rayon, zodat de franchisegever niet gedurende de looptijd een tweede vestiging in hetzelfde gebied kan toestaan.
Fee en afdrachten
De vergoedingsstructuur is uitputtend en transparant: een eenmalige entreefee, een doorlopende franchisefee als vast bedrag of percentage van de omzet, een marketingbijdrage en eventuele vergoedingen voor centrale diensten of inkoop. Bepaald worden de grondslag, het tijdstip en de wijze van betaling, en of en hoe de fee kan worden geïndexeerd. Voor de marketingbijdrage verdient het aanbeveling een verantwoordingsverplichting op te nemen, waarbij de franchisegever uitlegt waaraan het gezamenlijke marketingbudget is besteed. Vage of eenzijdig aanpasbare afdrachten leiden tot geschillen over verschuldigdheid en vormen bij niet-nakoming een ontbindingsgrond.
Voorbeeldclausule +
De Franchisenemer betaalt: (a) een eenmalige entreefee van EUR [bedrag], te voldoen bij ondertekening;
(b) een doorlopende franchisefee van [percentage] van de netto-omzet per maand;
en (c) een marketingbijdrage van [percentage] van de netto-omzet. De Franchisegever legt jaarlijks schriftelijk verantwoording af over de besteding van de marketingbijdrage. Alle bedragen worden voldaan binnen [aantal] dagen na factuurdatum.
De franchisegever wil een voorspelbare inkomstenstroom en ruimte voor indexering. De franchisenemer heeft er belang bij dat de grondslag van de fee ondubbelzinnig is en dat de marketingbijdrage aantoonbaar aan gezamenlijke marketing wordt besteed, en niet aan de algemene bedrijfsvoering van de franchisegever.
Precontractuele informatieplicht
De Wet franchise verplicht de franchisegever om ten minste vier weken vóór het sluiten van de overeenkomst de wettelijk voorgeschreven informatie te verstrekken (art. 7:913 en 7:914 BW): het ontwerp van de overeenkomst, financiële gegevens, informatie over afdrachten, over eventuele afgeleide formules en over de wijze van overleg. Gedurende die standstill-periode mag de franchisegever niet aandringen op ondertekening of op investeringen. Ook de franchisenemer heeft een eigen onderzoeks- en informatieplicht. Een verklaring in de overeenkomst dat aan deze verplichtingen is voldaan, is bewijstechnisch waardevol, maar heelt geen daadwerkelijke schending, omdat de norm dwingend recht is.
Voorbeeldclausule +
Partijen verklaren dat de Franchisegever de bij of krachtens artikel 7:913 en 7:914 BW voorgeschreven informatie meer dan vier weken vóór de ondertekening aan de Franchisenemer heeft verstrekt, en dat de Franchisegever gedurende die periode niet heeft aangedrongen op ondertekening, betaling of investeringen. De Franchisenemer verklaart deze informatie te hebben bestudeerd en zich zo nodig extern te hebben laten adviseren.
De franchisegever wil met een dergelijke verklaring vastleggen dat de standstill-periode is nageleefd. De franchisenemer moet zich realiseren dat een ondertekende verklaring hem niet zonder meer ontslaat van zijn eigen onderzoeksplicht, maar de franchisegever evenmin dekt tegen een reële schending van de wettelijke informatieplicht.
Verplichtingen van partijen
De kern van de samenwerking bestaat uit wederkerige verplichtingen. De franchisegever biedt bijstand, opleiding en toegang tot de formule; de franchisenemer exploiteert conform het Handboek en beschermt de reputatie van de formule. Deze verplichtingen worden concreet uitgewerkt, omdat algemene bewoordingen als "actief exploiteren" of "redelijke ondersteuning" bij een geschil moeilijk hanteerbaar zijn. Meetbare verplichtingen als openingstijden, minimumafname en kwaliteitsnormen worden gekoppeld aan controleerbare maatstaven. Beide partijen gedragen zich daarbij als goed franchisegever en goed franchisenemer (art. 7:912 BW).
Voorbeeldclausule +
De Franchisegever stelt de Formule, het Merk en het Handboek ter beschikking en verzorgt de initiële opleiding en doorlopende ondersteuning. De Franchisenemer exploiteert de vestiging voor eigen rekening en risico conform het Handboek, houdt de overeengekomen openingstijden aan, neemt de aangewezen producten af en waarborgt de kwaliteit en uitstraling van de Formule. Partijen handelen jegens elkaar als een goed franchisegever respectievelijk goed franchisenemer.
De franchisegever wil meetbare exploitatienormen om de eenheid van de formule te bewaken. De franchisenemer wil dat tegenover die normen concrete tegenprestaties staan, zoals afgesproken opleiding en ondersteuning, zodat de verplichtingen wederkerig en afdwingbaar blijven.
Wijziging van de formule en instemmingsrecht
De franchisegever mag de formule ontwikkelen, maar niet onbeperkt eenzijdig. Art. 7:921 BW verplicht tot instemming van de franchisenemer voor wijzigingen die boven een in de overeenkomst afgesproken drempelbedrag investeringen vergen of die naar verwachting een negatief effect hebben, en voor het exploiteren van een afgeleide formule. Een expliciete drempelwaarde en een overlegprocedure horen daarom in de overeenkomst, met een regeling voor het geval geen overeenstemming wordt bereikt. Ontbreekt zo'n drempel, dan is onduidelijk wanneer instemming vereist is en ligt een geschil over doorgevoerde wijzigingen voor de hand.
Voorbeeldclausule +
Voor wijzigingen van de Formule of het Handboek die van de Franchisenemer een investering van meer dan EUR [drempelbedrag] vergen, of die naar redelijke verwachting een negatief effect op de omzet hebben, alsmede voor het exploiteren van een afgeleide formule, is de voorafgaande instemming van de Franchisenemer vereist. Partijen treden hierover in overleg;
wordt binnen [aantal] weken geen overeenstemming bereikt, dan geldt de procedure van artikel [geschillen].
De franchisegever wil de drempel ruim genoeg om de formule te kunnen doorontwikkelen zonder telkens toestemming te vragen. De franchisenemer wil de drempel laag genoeg om ingrijpende of kostbare wijzigingen daadwerkelijk aan zijn instemming onderworpen te houden, zoals de invoering van een online kanaal naast de fysieke vestiging.
Non-concurrentie na afloop
Een postcontractueel non-concurrentiebeding is alleen geldig als het voldoet aan de cumulatieve eisen van art. 7:920 lid 2 BW: het beding is schriftelijk vastgelegd, beperkt tot goederen of diensten die concurreren met de formule, onmisbaar om de knowhow te beschermen, beperkt tot het gebied waarin de franchisenemer opereerde, en geldt voor ten hoogste één jaar na afloop. Een beding dat ruimer is dan de wet toestaat, is in zoverre nietig. Het beding wordt daarom regel voor regel aan deze vijf voorwaarden getoetst; ruime relatiebedingen sneuvelen in kort geding.
Voorbeeldclausule +
Gedurende één jaar na het einde van de overeenkomst onthoudt de Franchisenemer zich, binnen het Rayon waarin hij de vestiging exploiteerde, van het aanbieden van goederen of diensten die concurreren met de Formule, voor zover deze beperking onmisbaar is ter bescherming van de door de Franchisegever overgedragen knowhow. Voor het overige geldt dit beding niet.
De franchisegever wil de knowhow en het klantenbestand van de formule beschermen na vertrek, maar moet het beding strikt binnen de grenzen van art. 7:920 BW houden. De franchisenemer behoudt na afloop de vrijheid om als zelfstandig ondernemer te blijven werken en kan een te ruim beding met succes laten schorsen voor het deel dat de wettelijke grenzen overschrijdt.
Goodwill
Art. 7:920 lid 3 BW schrijft voor dat de overeenkomst een regeling bevat over de wijze waarop wordt vastgesteld of er goodwill in de onderneming van de franchisenemer aanwezig is, hoe hoog die is en in hoeverre deze aan de franchisenemer toekomt bij overname door de franchisegever of een opvolgend franchisenemer. Een onbepaalde of ontbrekende goodwillregeling is in strijd met de wet en leidt bij overdracht of beëindiging vrijwel altijd tot geschil over de waardering. Een concrete methode, zoals een omzet- of resultaatgebonden multiple of een taxatie door een onafhankelijke deskundige, met een vastgelegde peildatum en betaaltermijn, voorkomt dat.
Voorbeeldclausule +
Bij overname van de onderneming door de Franchisegever of een opvolgend franchisenemer wordt de goodwill vastgesteld op [methode, bijvoorbeeld: een factor [x] maal de genormaliseerde EBITDA over de laatste [aantal] boekjaren], per peildatum [datum]. Komen partijen niet tot overeenstemming, dan wordt de goodwill bindend vastgesteld door een onafhankelijke deskundige. De vergoeding komt toe aan de Franchisenemer en wordt voldaan binnen [aantal] dagen na vaststelling.
De franchisegever wil een voorspelbare en begrensde waarderingsmethode, zodat de overnamekosten beheersbaar blijven. De franchisenemer wil dat de door hem opgebouwde goodwill daadwerkelijk wordt vergoed en dat de methode niet zo is ingericht dat er in de praktijk nooit goodwill resteert.
Aansprakelijkheid
De aansprakelijkheid over en weer wordt op een evenwichtige en juridisch houdbare manier beperkt. Gebruikelijk zijn uitsluiting van indirecte en gevolgschade, een cap gerelateerd aan de betaalde fees over een bepaalde periode, en een uitzondering voor opzet en bewuste roekeloosheid. De wisselwerking met de dwingendrechtelijke bescherming van de franchisenemer verdient aandacht: een exoneratie die de franchisegever ontslaat van zijn wettelijke informatie- of bijstandsverplichtingen houdt geen stand. Ook wordt aansprakelijkheid jegens elkaar onderscheiden van aansprakelijkheid jegens derden, met een vrijwaring waar de exploitatie voor eigen rekening en risico van de franchisenemer plaatsvindt.
Voorbeeldclausule +
De aansprakelijkheid van elk der partijen jegens de andere is beperkt tot directe schade en tot ten hoogste het bedrag van de door de Franchisenemer over de voorafgaande twaalf maanden betaalde franchisefee. Deze beperking geldt niet bij opzet of bewuste roekeloosheid, noch voor de nakoming van de dwingendrechtelijke verplichtingen uit titel 7.16 BW. De Franchisenemer vrijwaart de Franchisegever voor aanspraken van derden die voortvloeien uit de exploitatie van zijn vestiging.
De franchisegever wil zijn blootstelling begrenzen, in het bijzonder voor gevolgschade uit een tegenvallende exploitatie. De franchisenemer heeft er belang bij dat de cap niet zo laag is dat een tekortkoming van de franchisegever in de kern zonder gevolg blijft, en dat de wettelijke bescherming buiten de exoneratie wordt gehouden.
Duur en beëindiging
Geregeld worden de looptijd voor bepaalde of onbepaalde tijd, de verlenging, de tussentijdse opzegging en de ontbinding. Bij overeenkomsten voor bepaalde tijd zijn stilzwijgende verlenging en de aankondigingstermijn voor niet-verlenging van belang; bij onbepaalde tijd de opzegtermijn en eventuele opzeggingsgronden. De gevolgen van het einde worden uitgewerkt: het staken van het gebruik van de formule, teruggave van materialen, afwikkeling van voorraden, de goodwillregeling en de non-concurrentie. Onvoldoende zorgvuldige beëindiging, zonder redelijke termijn of grond, leidt tot aansprakelijkheid voor schade.
Voorbeeldclausule +
De overeenkomst wordt aangegaan voor [aantal] jaar en wordt daarna telkens met [aantal] jaar verlengd, tenzij een partij ten minste [aantal] maanden voor het einde schriftelijk opzegt. Bij het einde staakt de Franchisenemer het gebruik van de Formule, geeft hij alle materialen terug, wikkelt hij de voorraden af overeenkomstig artikel [voorraden], en worden de goodwillregeling en het non-concurrentiebeding van kracht.
De franchisegever wil duidelijke opzeggingstermijnen en een sluitende afwikkeling van de formule bij het einde. De franchisenemer wil bescherming tegen abrupte beëindiging, met een redelijke termijn en, waar de investeringen daartoe aanleiding geven, een billijke afwikkeling van goodwill en voorraden.
Geheimhouding
De franchisenemer krijgt toegang tot knowhow, het Handboek, leverancierscondities en klantgegevens die de kern van de formule vormen. Een geheimhoudingsbeding beschermt deze informatie tijdens en na de looptijd. Omschreven worden wat als vertrouwelijk geldt, welke uitzonderingen bestaan, zoals reeds openbare informatie of een wettelijke plicht tot verstrekking, en hoe lang de verplichting na afloop doorloopt. Het beding wordt gekoppeld aan een boete- of schadevergoedingsregeling en afgestemd op het non-concurrentiebeding: geheimhouding beschermt de knowhow ook waar het non-concurrentiebeding wegens art. 7:920 BW in tijd of gebied beperkt is.
Voorbeeldclausule +
De Franchisenemer houdt alle Vertrouwelijke Informatie, waaronder de Knowhow, het Handboek en de leverancierscondities, geheim gedurende de looptijd en tot [aantal] jaar na het einde van de overeenkomst. Deze verplichting geldt niet voor informatie die reeds openbaar is of op grond van de wet moet worden verstrekt. Bij overtreding verbeurt de Franchisenemer een boete van EUR [bedrag] per overtreding, onverminderd het recht op volledige schadevergoeding.
De franchisegever wil dat de knowhow ook na afloop beschermd blijft, langer dan het non-concurrentiebeding mag duren. De franchisenemer wil dat de reikwijdte van de geheimhouding is begrensd tot werkelijk vertrouwelijke informatie, zodat gangbare ondernemersvaardigheden hem na vertrek niet worden ontzegd.
Rechts- en forumkeuze
De overeenkomst sluit af met de toepasselijkheid van Nederlands recht en een keuze voor de bevoegde rechter. Daarbij geldt dat de bescherming van titel 7.16 BW van dwingend recht is en niet kan worden weggecontracteerd. Een geschillenregeling met verplicht voorafgaand overleg of mediation past bij de duurrelatie en verlaagt de drempel tot escalatie. Terughoudendheid is geboden met arbitrage of een forumkeuze buiten Nederland wanneer de exploitatie hier plaatsvindt, omdat dit de toegang tot de dwingendrechtelijke bescherming kan bemoeilijken.
Voorbeeldclausule +
Op deze overeenkomst is Nederlands recht van toepassing. Partijen spannen zich in geschillen eerst door overleg op te lossen en, indien dat niet slaagt, aan mediation voor te leggen. Wordt ook dan geen oplossing bereikt, dan worden geschillen voorgelegd aan de bevoegde rechter van de rechtbank [plaats].
De franchisegever wil een voorspelbaar forum, bij voorkeur zijn eigen vestigingsplaats. De franchisenemer heeft er belang bij dat het forum in Nederland ligt en dat een overleg- of mediationfase voorafgaat aan de rechtsgang, zodat de dwingendrechtelijke bescherming laagdrempelig toegankelijk blijft.
Bijlagen
De bijlagen maken de overeenkomst compleet en concreet. Gebruikelijk zijn het Handboek of een verwijzing met versiebeheer, de precontractueel verstrekte informatie en financiële gegevens, een kaart of omschrijving van het rayon, het overzicht van fees en afdrachten, de gelicentieerde merk- en IE-rechten, en de goodwillregeling of waarderingsmethode. Per bijlage worden de status en de rangorde ten opzichte van de hoofdtekst geregeld, en wijzigingen blijven traceerbaar. Bijlagen die in de tekst worden genoemd maar ontbreken, zijn een terugkerende bron van uitleggeschillen.
Voorbeeld bijlagenlijst +
De volgende bijlagen maken onlosmakelijk deel uit van deze overeenkomst: Bijlage 1 (Handboek, versie [nummer]), Bijlage 2 (precontractueel verstrekte informatie), Bijlage 3 (kaart en omschrijving van het Rayon), Bijlage 4 (overzicht fees en afdrachten), Bijlage 5 (gelicentieerde merk- en IE-rechten) en Bijlage 6 (goodwillregeling). Bij tegenstrijdigheid prevaleert de hoofdtekst.
De franchisegever wil dat het Handboek als bijlage met versiebeheer wordt opgenomen, zodat actualiseringen traceerbaar zijn. De franchisenemer heeft er belang bij dat de bijlagen bij ondertekening daadwerkelijk zijn bijgevoegd, omdat juist ontbrekende bijlagen later tot uitleggeschillen leiden.
Lees ook
- Distributieovereenkomst, de verwante gids voor distributie- en verkoopsamenwerking.
- Non-concurrentiebeding, tekortkoming en schadevergoeding, analyse van een geschil over een postcontractueel concurrentiebeding.
- Franchiseovereenkomst vernietigd: standstill laat zich niet vervangen, over de dwingendrechtelijke bedenktermijn van vier weken en de afwikkeling na vernietiging.
- Corporate and commercial law, het overzicht van de contractenpraktijk van Prime Law.