Integriteitsonderzoek en opzegging raamovereenkomst jeugdzorg
De voorzieningenrechter in Amsterdam wees de vorderingen van een jeugdzorgstichting af die getracht had een opzegging van haar raamovereenkomst terug te draaien. De gemeente mocht opzeggen omdat de stichting integriteitsrisico’s bij gelieerde partijen niet had gemeld en niet voldoende aan het onderzoek had meegewerkt. Zorgaanbieders moeten hun bedrijfsadministratie op orde hebben en integriteitsrisico’s proactief melden.
Gemeente Amsterdam zegt raamovereenkomst jeugdzorg op
De voorzieningenrechter in Amsterdam heeft de vorderingen van Stichting Verenigd Jeugdhulp (SVJ) tegen de Gemeente Amsterdam afgewezen. SVJ wilde in kort geding afdwingen dat de gemeente de raamovereenkomst voor specialistische jeugdzorg bleef nakomen. De rechter oordeelde dat de gemeente op terechte gronden heeft opgezegd — mede omdat SVJ integriteitsrisico’s bij gelieerde partijen niet had gemeld en onvoldoende had meegewerkt aan het integriteitsonderzoek.
SVJ is een samenwerkingsverband van Boomerangzorg en Multi Plus Zorg B.V. (MPZ) dat specialistische jeugdhulp levert in opdracht van de Gemeente Amsterdam. De raamovereenkomst loopt sinds 2021 en is verlengd tot 31 december 2026. In 2025 alleen al betaalde de gemeente ruim €10,2 miljoen aan SVJ voor de zorg van ongeveer 66 cliënten.
Begin 2025 startte de gemeente een integriteitsonderzoek op grond van de Beleidsregel Integriteit en Overeenkomsten (BIO). Aanleiding: twee uitspraken van de rechtbank Amsterdam uit 2023, waaruit volgde dat contractspartijen van Boomerangzorg — voetbalclub Amsterdam Gencler Birligi (AGB) en Stichting Forniamo — publieke gelden hadden ontvangen zonder dat die daadwerkelijk aan zorg waren besteed. Een bestuurder van Stichting Forniamo was ontslagen en kreeg een beroepsverbod wegens financieel wanbeheer. Deze bestuurder had grote sommen geld overgemaakt naar ondernemingen van hemzelf en familieleden, zonder duidelijke tegenprestatie.
De gemeente stuurde Boomerangzorg een vragenlijst met 41 vragen. Van die 41 vragen zijn er volgens de gemeente slechts acht summierlijk beantwoord. Op 18 juli 2025 maakte de gemeente het voornemen tot beëindiging kenbaar. SVJ diende een zienswijze in, maar die leidde niet tot herziening. Op 29 januari 2026 zegde de gemeente de raamovereenkomst op per 1 juni 2026, stelde een cliëntenstop in en informeerde derden over de beëindiging.
Onvoldoende medewerking aan integriteitsonderzoek
De voorzieningenrechter stelde voorop dat de raamovereenkomst op grond van de ARVODI en artikel 22.6 van de voorwaarden “te allen tijde” kan worden opgezegd. De vraag was dus niet óf de gemeente mocht opzeggen, maar of zij dat op terechte gronden en op zorgvuldige wijze had gedaan.
De rechter vond van wel. SVJ had nagelaten de integriteitsrisico’s bij gelieerde partijen te melden, terwijl de raamovereenkomst dat in artikelen 9 en 24 vereist. Dat AGB — de voetbalclub uit het vonnis van 2023 — inmiddels niet meer aan SVJ gelieerd was, deed daar niet aan af. Een gelieerde partij is immers ook een partij die in het verleden bij de uitvoering van de overeenkomst betrokken is geweest.
Ook de tweede opzeggingsgrond hield stand. SVJ en Boomerangzorg hadden niet volledig en niet op eerste verzoek meegewerkt aan het BIO-onderzoek. Vragen die de gemeente had gesteld en die gemakkelijk te beantwoorden waren, bleven onbeantwoord — volgens de rechter kennelijk omdat SVJ en Boomerangzorg niet over een deugdelijke bedrijfsadministratie beschikten. Zo ontbrak een uittreksel uit het aandeelhoudersregister en waren geen urenspecificaties verstrekt van werkzaamheden die Stichting Forniamo en AGB bij Boomerangzorg in rekening hadden gebracht. De bestuurder die op de zitting aanwezig was, erkende zelfs dat geen presentielijsten en urenregistraties werden bijgehouden.
Het verweer dat de gemeente in strijd met de algemene beginselen van behoorlijk bestuur had gehandeld, liep spaak. De gemeente had voldoende gelegenheid gegeven om vragen te beantwoorden, meerdere keren uitstel verleend, het voornemen tot beëindiging vooraf medegedeeld en SVJ in de gelegenheid gesteld een zienswijze in te dienen. De beslissing was voldoende gemotiveerd. De beëindiging ging ook niet in met onmiddellijke ingang — de raamovereenkomst liep grotendeels door tot 1 juni 2026.
De rechter plaatste het integriteitsonderzoek nadrukkelijk in de context van de bedragen: ruim €10,2 miljoen aan publieke middelen voor 66 cliënten in één jaar. De gemeente is gehouden daar uiterst zorgvuldig mee om te gaan en moet buiten twijfel kunnen vaststellen dat het geld daadwerkelijk ten goede komt aan jeugdzorg.
Hoe voorkom je dat je raamovereenkomst wordt opgezegd wegens integriteitsrisico’s?
Dit vonnis maakt duidelijk dat gemeenten bij integriteitsrisico’s in de jeugdzorg niet hoeven te wachten tot er strafrechtelijke veroordelingen liggen. Twee civiele uitspraken over gelieerde partijen waren voldoende aanleiding voor een BIO-onderzoek, en het onvoldoende meewerken aan dat onderzoek rechtvaardigde opzegging. Voor zorgaanbieders betekent dit: zorg dat je bedrijfsadministratie op orde is en dat je integriteitsrisico’s bij gelieerde partijen proactief meldt. Wie dat nalaat, geeft de gemeente een opzeggingsgrond op een presenteerblaadje.
Opvallend is ook de maatstaf die de rechter aanlegt. De voorzieningenrechter weegt het publieke belang — transparante besteding van zorggelden — expliciet mee. Dat een opzegging ingrijpend is voor de zorgaanbieder en de cliënten, maakt de opzegging niet onzorgvuldig als de gemeente een ordentelijke procedure heeft gevolgd. De boodschap: wie met publiek geld werkt, moet tegen een stevig integriteitsonderzoek kunnen.
Veelgestelde vragen
Wat is een integriteitsrisico en hoe moet je dat melden?
Een integriteitsrisico is een aanwijzing dat geld niet op de beoogde wijze wordt besteed of dat er fraude plaatsvindt. In deze zaak behoorden eerdere uitspraken over gelieerde partijen daartoe. Raamovereenkomsten verplichten je meestal integriteitsrisico’s te melden zodra je ervan weet. Liever een vals alarm dan niets melden — stilzwijgen geeft de gemeente een opzeggingsgrond.
Kan een gemeente een raamovereenkomst zomaar opzeggen?
De raamovereenkomst in deze zaak voorzag in opzegging “te allen tijde”, maar dat betekent niet dat willekeurig kan worden opgezegd. De gemeente moet op terechte gronden opzeggen en een zorgvuldig proces volgen: vraaglijsten, uitstel geven, een voornemen medegedeeld, gelegenheid voor zienswijze. Onzorgvuldigheid of onvoldoende motivering maakt de opzegging ongeldig.
Wat gebeurt er als je niet meewerkt aan een integriteitsonderzoek?
Gebrek aan medewerking kan zelf een opzeggingsgrond vormen. Vragen die gemakkelijk kunnen worden beantwoord maar onbeantwoord blijven — omdat je bedrijfsadministratie ontbreekt — getuigen van slordigheid. Voor zorgaanbieders met grote contracten werkt dit desastreus: miljoen-omvang contracten kunnen ontbonden worden omdat basisgegevens niet verzameld zijn.
ECLI:NL:RBAMS:2026:1790, Rechtbank Amsterdam, 25 februari 2026.
Aangehaalde rechtspraak
Rechtbanken: ECLI:NL:RBAMS:2026:1790