Naar inhoud

Een statutair bestuurder ontslaan: het adviesrecht en de valkuil van het voldongen feit

24 juli 2026Juriaan de Vries

Een statutair bestuurder ontslaan: het adviesrecht en de valkuil van het voldongen feit

De CEO van een Nederlandse dochter van een Noorse visproducent wordt ontslagen. Nog voordat de aandeelhoudersvergadering het besluit neemt, heeft de vennootschap al een intern bericht rondgestuurd dat hij vertrekt, zijn telefoon geblokkeerd, hem als bestuurder bij de Kamer van Koophandel uitgeschreven en een vaststellingsovereenkomst aangeboden. De rechtbank oordeelt dat het ontslagbesluit niet rechtsgeldig is genomen en dat de vennootschap ernstig verwijtbaar heeft gehandeld. Toch bedraagt de billijke vergoeding slechts € 10.000 (ECLI:NL:RBOVE:2026:4528). Die uitkomst laat zien hoe een bestuursontslag procedureel misgaat, en waarom een geschonden adviesrecht niet vanzelf een hoge vergoeding oplevert.

De dubbele rechtsbetrekking van de bestuurder

De statutair bestuurder staat in een dubbele rechtsbetrekking tot de vennootschap: vennootschapsrechtelijk als bestuurder, arbeidsrechtelijk als werknemer. Zijn ontslag als bestuurder verloopt via art. 2:244 BW; zijn ontslag als werknemer via het arbeidsrecht. Sinds de 15 april-arresten van de Hoge Raad geldt dat een geldig ontslagbesluit van de algemene vergadering in beginsel ook de arbeidsovereenkomst beëindigt, tenzij een opzegverbod of een andersluidende afspraak in de weg staat (ECLI:NL:HR:2005:AS2030, Unidek). Geschillen over die arbeidsverhouding komen niet bij de kantonrechter maar bij de handelsrechter, ook nadat de vennootschappelijke band is verbroken (art. 2:241 BW; ECLI:NL:HR:1995:ZC1887).

Het adviesrecht en het voldongen feit

De bestuurder heeft in de algemene vergadering een raadgevende stem (art. 2:227 lid 7 BW), ook wanneer die vergadering over zijn eigen ontslag gaat. Dat adviesrecht is niet vormelijk bedoeld: het advies moet nog zinvol kunnen zijn. Dat betekent dat de bestuurder in de gelegenheid wordt gesteld een gefundeerd advies te geven én dat dat advies reëel aan de besluitvorming kan bijdragen. Wordt het advies alleen nog voor de vorm uitgebracht omdat de uitkomst toch al vaststaat, dan is het adviesrecht geschonden en is het besluit vernietigbaar wegens een totstandkomingsgebrek (art. 2:15 lid 1 sub a BW).

Precies daar ging het hier mis. Voordat de aandeelhoudersvergadering had plaatsgevonden, had de vennootschap intern al aangekondigd dat de CEO zou vertrekken, zijn telefoon geblokkeerd, hem als bestuurder uitgeschreven bij de Kamer van Koophandel en met hem over een eindafrekening en een vaststellingsovereenkomst gesproken. De rechtbank leidt daaruit af dat het ontslag voor de vennootschap al vaststond en dat het advies van de bestuurder geen enkele invloed meer kon hebben (rov. 5.9-5.10). Het besluit is daarmee vernietigbaar (rov. 5.10), en dat handelen is ernstig verwijtbaar (rov. 5.11).

De fout is niet uniek. In een Limburgse zaak strandde een ontslagbesluit op dezelfde grond; omdat de bestuurder daar de vernietiging van het besluit vorderde, viel het besluit weg en bleef het arbeidsrechtelijke dienstverband voortbestaan (ECLI:NL:RBLIM:2019:125). Dat verklaart waarom het hier anders liep: de CEO trok zijn verzoek tot vernietiging in (rov. 5.6) en vroeg alleen een billijke vergoeding, zodat het besluit weliswaar vernietigbaar was maar in stand bleef. Het kan bovendien goed gaan: waar de vergadering tijdig wordt opgeroepen, de agenda het ontslag noemt en de bestuurder zijn raadgevende stem daadwerkelijk kan uitbrengen, houdt het besluit stand (ECLI:NL:RBNHO:2026:1375).

Toch een redelijke grond voor ontslag

Een gebrekkig genomen besluit betekent niet dat het ontslag ongegrond is. Ook voor een statutair bestuurder geldt dat de vennootschap voor de opzegging van de arbeidsovereenkomst een redelijke grond nodig heeft (art. 7:669 BW). De vennootschap beriep zich op de h-grond (art. 7:669 lid 3 sub h BW): een onherstelbare vertrouwensbreuk. Uit de verklaringen van de mededirectieleden en de moedervennootschap volgde dat de CEO herhaaldelijk op zijn functioneren was aangesproken, onder meer rond een terugroepactie en een waarschuwing van de NVWA, zonder dat dit tot verandering leidde. De rechtbank acht die vertrouwensbreuk voldoende komen vast te staan (rov. 5.23). Herplaatsing lag op directieniveau niet in de rede (rov. 5.24). De opzegging zelf houdt dus stand; anders dan bij een gewone werknemer leidt een gebrek daarbij bij een statutair bestuurder niet tot herstel van de arbeidsrelatie, maar hooguit tot een billijke vergoeding.

De paradox: ernstig verwijtbaar, maar een lage vergoeding

Hier ligt de kern. Het procedurele gebrek maakt de vennootschap ernstig verwijtbaar, wat recht geeft op een billijke vergoeding. De hoogte daarvan wordt begroot aan de hand van de gezichtspunten uit New Hairstyle en ServiceNow (ECLI:NL:HR:2017:1187; ECLI:NL:HR:2018:2218): onder meer de mate van verwijtbaarheid, de "waarde van de arbeidsovereenkomst" en de gevolgen van het ontslag. Beslissend is dat de ontslaggrond voldragen was. De rechtbank acht onaannemelijk dat het advies van de bestuurder tot een andere uitkomst zou hebben geleid, zodat hij ook zonder het gebrek zou zijn ontslagen (rov. 5.27). Van serieuze inkomensschade is bovendien geen sprake, gelet op zijn leeftijd en ervaring. Daarom komt de rechtbank, ondanks het ernstig verwijtbaar handelen, uit op een billijke vergoeding van € 10.000 (rov. 5.29).

Ook de bonusaanspraak liep vast. De rechtbank oordeelt dat de toekenning niet volledig discretionair was, zodat de bestuurder er in beginsel aanspraak op kon maken (rov. 5.33). Maar de regeling eiste voor uitbetaling een "non-terminated position" op het uitbetaalmoment in april, en op dat moment was de bestuurder ontslagen. Een beroep op de redelijkheid en billijkheid strandde, omdat hij geen vernietiging van het ontslagbesluit had gevorderd (rov. 5.34-5.35).

Wat betekent dit voor vennootschap en bestuurder?

Voor de vennootschap is de les dat een solide ontslaggrond een slordig traject niet redt. Wie de raadgevende stem uitholt door de bestuurder voor een voldongen feit te zetten, maakt zich ernstig verwijtbaar, ook als het ontslag inhoudelijk terecht is. De veilige route is de vergadering tijdig en met een deugdelijke agenda beleggen, de bestuurder werkelijk gelegenheid geven te adviseren, en pas daarna onomkeerbare stappen zetten.

Voor de bestuurder werkt het twee kanten op. Het procedurele gebrek levert munitie op: een vernietigbaar besluit en een grond voor een billijke vergoeding. Wie de volledige schade wil verhalen, doet er echter goed aan te beseffen dat die vergoeding bescheiden blijft wanneer de ontslaggrond voldragen is en inkomensschade ontbreekt, en dat een aanspraak zoals een bonus kan afketsen op een enkele "non-terminated"-voorwaarde.

Veelgestelde vragen

Heeft een statutair bestuurder een adviesrecht bij zijn eigen ontslag?

Ja. De bestuurder heeft in de algemene vergadering een raadgevende stem (art. 2:227 lid 7 BW), ook wanneer die over zijn eigen ontslag gaat. Dat advies moet zinvol zijn: het moet nog reëel aan de besluitvorming kunnen bijdragen. Wordt de bestuurder voor een voldongen feit gezet, dan is het adviesrecht geschonden en is het besluit vernietigbaar.

Leidt een geschonden adviesrecht tot een hoge vergoeding?

Niet vanzelf. Het maakt de vennootschap ernstig verwijtbaar, maar de billijke vergoeding blijft laag wanneer de ontslaggrond voldragen is en er geen serieuze inkomensschade is. In de besproken zaak leidde een geschonden adviesrecht tot een vergoeding van € 10.000, omdat het ontslag hoe dan ook zou zijn gevolgd.

Eindigt de arbeidsovereenkomst automatisch met het bestuursontslag?

In beginsel wel. Sinds de 15 april-arresten van de Hoge Raad beëindigt een geldig ontslagbesluit van de algemene vergadering ook de arbeidsovereenkomst van de statutair bestuurder, tenzij een opzegverbod of een andersluidende afspraak daaraan in de weg staat.

Aangehaalde rechtspraak

Hoge Raad
- ECLI:NL:HR:2005:AS2030 (Unidek): een geldig ontslagbesluit van de algemene vergadering beëindigt in beginsel ook de arbeidsovereenkomst van de statutair bestuurder
- ECLI:NL:HR:2017:1187 (New Hairstyle): gezichtspunten voor de begroting van de billijke vergoeding
- ECLI:NL:HR:2018:2218 (ServiceNow): billijke vergoeding wegens ernstig verwijtbaar handelen; meewegen van de te verwachten duur van de arbeidsovereenkomst
- ECLI:NL:HR:1995:ZC1887: de handelsrechter blijft bevoegd voor arbeidsgeschillen met een (ex-)bestuurder

Rechtbanken
- ECLI:NL:RBOVE:2026:4528: ontslagbesluit vernietigbaar wegens een geschonden adviesrecht (voldongen feit); ernstig verwijtbaar, maar billijke vergoeding € 10.000 wegens de voldragen ontslaggrond
- ECLI:NL:RBLIM:2019:125: ontslagbesluit niet rechtsgeldig wegens strijd met de raadgevende stem; de arbeidsovereenkomst bleef voortbestaan
- ECLI:NL:RBNHO:2026:1375: ontslagbesluit wél rechtsgeldig; oproeping en agenda in orde, raadgevende stem uitgebracht en hoorplicht in acht genomen

Lees ook